Übersetzung von „Eingehen“ aus dem Deutsch ins Niederländisch

verschrompelen, ineenschrompelen, slinken sind die besten Übersetzungen von „Eingehen” aus dem Deutsch ins Niederländisch.

Eingehen noun neuter Grammatik

Krumpfung (Textilien)

Automatische Übersetzungen von " Eingehen " in Niederländisch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate
+ Hinzufügen

"Eingehen" im Wörterbuch Deutsch - Niederländisch

Momentan haben wir keine Übersetzungen für Eingehen im Wörterbuch, vielleicht kannst du eine hinzufügen? Überprüfen Sie unbedingt die automatische Übersetzung, das Translation Memory oder die indirekten Übersetzungen.

Übersetzungen mit alternativer Schreibweise

eingehen verb Grammatik

erwidern (auf) [..]

+ Hinzufügen

Deutsch-Niederländisch Wörterbuch

  • verschrompelen

    verb
  • ineenschrompelen

  • slinken

    verb
  • Weniger häufige Übersetzungen

    • ontvangen
    • ingaan
    • binnengaan
    • accepteren
    • aannemen
    • toegeven
    • aangaan
    • afgaan
    • afsluiten
    • begrepen worden
    • binnenkomen
    • creperen
    • doodgaan
    • inkomen
    • inkrimpen
    • krimpen
    • opgenomen worden
    • ophouden te bestaan
    • toestemmen
    • goedvinden
    • binnenlaten
    • bersten
    • scheuren
    • barsten
    • springen
    • toelaten
    • het eens zijn

Ausdrücke ähnlich wie "Eingehen“ mit Übersetzungen in Niederländisch

  • grote risico's nemen
  • relaties aangaan
  • aanbrengen · aandoen · aankleden · aannemen · aantrekken · aanvaarden · accepteren · bekleden · bepleisteren · binnenlaten · collecteren · doorstaan · genieten · goedvinden · het eens zijn · innen · inzamelen · kleden · krijgen · lijden · omkleden · ondergaan · ontvangen · oogsten · opbrengen · opleggen · overtrekken · pleisteren · plukken · rapen · staan · stukadoren · toegeven · toelaten · toestemmen · toucheren · uitstaan · velen · verdragen · verzamelen
  • diepgaand · diepgravend · gedegen · gedetailleerd · grondig · in detail · in overvloed · ingrijpend · intensief · nauwkeurig · radicaal · rijkelijk · rijpelijk · ruimschoots · uitgebreid · uitvoerig · vergaand · volop
  • ad patres gaan · de doodssnik geven · de eeuwigheid in gaan · de geest geven · de grote reis aanvaarden · de laatste adem uitblazen · de poeper dichtknijpen · de wereld verlaten · dood gaan · doodgaan · expireren · heengaan · het hoekje om gaan · het leven laten · inslapen · overlijden · sterven · verscheiden
  • de geschiedenis ingaan
  • doorgaan
Hinzufügen

Übersetzungen von „Eingehen“ im Niederländisch im Kontext, Beispielsätzen und Translation Memory