Übersetzung von „angelegt“ aus dem Deutsch ins Niederländisch

aangelegd ist die Übersetzung von „angelegt” aus dem Deutsch ins Niederländisch.

angelegt adjective verb Grammatik

Hauptstadt der Präfektur Kyôto 1,45 Mio. Einwohner

+ Hinzufügen

Deutsch-Niederländisch Wörterbuch

  • aangelegd

    particle

    Ein neuer Tunnel durch den Berg wurde angelegt.

    Er is een nieuwe tunnel door de berg aangelegd.

  • Algorithmisch generierte Übersetzungen anzeigen

Automatische Übersetzungen von " angelegt " in Niederländisch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Ausdrücke ähnlich wie "angelegt“ mit Übersetzungen in Niederländisch

  • cultuurbos
  • aan komen lopen · aan land gaan · aan wal komen · aanbinden · aanbrengen · aandoen · aanhaken · aankaarten · aanklampen · aankleden · aanlanden · aanleggen · aanmeren · aannemen · aanpakken · aanslaan · aansnijden · aanspreken · aantrekken · aanvangen · aanwenden · aanzetten · accepteren · afgeven · afmeren · beginnen · beginnen met · bekleden · belasten · belasting heffen op · beleggen · benutten · beogen · bepleisteren · besteden · creëren · deponeren · doen · doorvoeren · dragen · dwingen · enteren · forceren · gebruiken · het aanleggen · in bewaring geven · in toepassing brengen · indoen · inleggen · investeren · inzetten · kleden · landen · leggen · meren · mikken · munten · noodzaken · omkleden · ondersteunen · ontvangen · ontwerpen · opbrengen · opdringen · opleggen · oprichten · overtrekken · plaatsen · pleisteren · richten · ruggesteunen · samenstellen · schoren · schragen · staan · steken · stellen · steunen · stoppen · stoten op · stukadoren · stutten · telegraferen · toeleggen · toepassen · toespreken · toetreden · uitgeven · uitzetten · vasthaken · veraccijnzen · verplichten · verzekeren · verzenden · voordoen · zetten · zich opdringen · zich stoten aan
  • handboeien omdoen
Hinzufügen

Übersetzungen von „angelegt“ im Niederländisch im Kontext, Beispielsätzen und Translation Memory