Übersetzung von „gebrauchen“ aus dem Deutsch ins Niederländisch
gebruiken, aanwenden, benutten sind die besten Übersetzungen von „gebrauchen” aus dem Deutsch ins Niederländisch.
deployen (fachsprachlich) [..]
-
gebruiken
verbzich bedienen van, toepassen [..]
Man weiß nie, wozu man sie noch gebrauchen kann.
Je weet nooit waarvoor je ze nog kunt gebruiken.
-
aanwenden
verbEen voorwerp inzetten, meestal om een bepaald doel te bereiken.
Die Eigenschaften Christi kommen in unser Leben, wenn wir unsere Entscheidungsfreiheit rechtschaffen gebrauchen.
We ontvangen christelijke eigenschappen als we onze keuzevrijheid goed aanwenden.
-
benutten
verbEen voorwerp inzetten, meestal om een bepaald doel te bereiken.
Weisheit ist die Fähigkeit, Erkenntnis und Verständnis so zu gebrauchen, daß gute Ergebnisse erzielt werden.
Wijsheid betekent kennis en verstand te benutten op een wijze die goede resultaten oplevert.
-
Weniger häufige Übersetzungen
- bezigen
- toepassen
- stellen
- zetten
- doen
- leggen
- aanbrengen
- opleggen
- voordoen
- nodig hebben
- opbrengen
- aanzetten
- aandoen
- steken
- aantrekken
- doorvoeren
- plaatsen
- stoppen
- in toepassing brengen
- hanteren
- utiliseren
-
Algorithmisch generierte Übersetzungen anzeigen
Automatische Übersetzungen von " gebrauchen " in Niederländisch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Ausdrücke ähnlich wie "gebrauchen“ mit Übersetzungen in Niederländisch
-
voor eigen gebruik
-
schudden voor gebruik
-
aanwending · appel · bediening · behandeling · benutting · beroep · gebruik · genot · gewoonte · hantering · inzet · manier · regres · toepassing · usance · zede
-
tweedehands
-
gebruikt · tweedehands
-
in onbruik raken
-
benutten
-
veelgebruikt