Übersetzung von „nahe“ aus dem Deutsch ins Niederländisch

dichtbij, nabij, aanstaand sind die besten Übersetzungen von „nahe” aus dem Deutsch ins Niederländisch.

nahe adjective Adjective adverb adposition Grammatik

Mit nur geringem Abstand zu etwas. [..]

+ Hinzufügen

Deutsch-Niederländisch Wörterbuch

  • dichtbij

    adjective

    Een kleine tussenliggende afstand hebbende met betrekking tot iets. [..]

    Sie sind nah dran, an dem, was ich visualisiere für diese Rolle.

    Je bent erg dichtbij het personage wat ik voor ogen heb.

  • nabij

    adposition

    Een kleine tussenliggende afstand hebbende met betrekking tot iets. [..]

    Diese Probleme werden in naher Zukunft gelöst werden.

    Deze problemen zullen in de nabije toekomst worden opgelost.

  • aanstaand

    adjective
  • Weniger häufige Übersetzungen

    • eerstvolgend
    • komend
    • naderbij
    • dicht
    • dicht bij
    • eng
    • in de nabijheid van
    • nabijgelegen
    • nakend
    • nauw
    • onder
    • daarnaast
    • ernaast
    • hiernaast
    • in de nabijheid
    • naast
    • sluiten
    • aan
    • aangrenzend
    • bij
    • kortbij
    • na
    • nabije
    • nabijheid
    • naburig
    • om de hoek
    • op
    • op een boogscheut
    • op een steenworp afstand
    • op loopafstand
    • te
    • vlakbij
  • Algorithmisch generierte Übersetzungen anzeigen

Automatische Übersetzungen von " nahe " in Niederländisch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Übersetzungen mit alternativer Schreibweise

Nahe
+ Hinzufügen

Deutsch-Niederländisch Wörterbuch

  • Nahe

    Nahe (Holstein) [..]

    Nahe, gegebenenfalls gefolgt vom Namen einer kleineren geografischen Einheit

    Nahe, al dan niet gevolgd door de naam van een kleinere geografische eenheid

Ausdrücke ähnlich wie "nahe“ mit Übersetzungen in Niederländisch

  • nah
    aanstaand · bij · daarnaast · dicht bij · dichtbij · dierbaar · eerstvolgend · hiernaast · kortbij · na · nabij · nabije · nakend · naverwant · om de hoek · op een boogscheut · op een steenworp afstand · op loopafstand · sluiten · vlakbij
  • het Nabije Oosten
  • de nabije omgeving
  • dichterbij · naaier · naaister
  • dicht bij elkaar brengen
  • dichtbij · nabij · naderbij
  • van heinde en ver · van heinde en verre
  • in de nabije toekomst
Hinzufügen

Übersetzungen von „nahe“ im Niederländisch im Kontext, Beispielsätzen und Translation Memory